Verschenen

Welkom op de webpagina van Etienne Kuypers 

PENSIERI MUSICALE
Luisteren en denken in het licht van de eeuwigheid

ISBN
9789082561210

137 pagina's





Leren luisteren is leren denken
 De taak van de 'nieuwe criticus'

ISBN
9789082561203

143 pagina's





Foto-impressie
Presentatie 16 september 2016 bij audio-video center Poulissen te Roermond

















Foto-impressie
Presentatie 9 september 2016 in 't Leeshuus te Oostende




















ISBN 9789051799279

(506 p.)



Boekpresentatie 23 april 2016

























...


Stilte en onrust

Fragmenten uit de alledaagsheid


(456 p.)

ISBN 9789085750529









Boekpresentatie

25 januari 2014


































































BESTELLEN:

Bij de auteur, bij de boekhandel, bij de uitgever.


etienne.kuypers@skynet.be

dr.e.kuypers@skynet.be


Garant-Uitgevers 

Somersstraat 13/15, 2018 Antwerpen, Tel.:03/2312900

Koninginnelaan 96, 7315 EB Apeldoorn, Tel.:055/5220625

uitgeverij@garant.be

info@garant-uitgevers.nl





  •  

 

 Wachten op God?

Kritiek van de utopische verbeeldingskracht

(827 p.)

 ISBN 978-90-441-2395-1

 

 

  •  

 


 



Presentatie

29 januari 2010 

 Uitgeverij Garant

(Somersstraat 13/15, 2018 Antwerpen)

 
 

 



 
 
 
 

 
Programma
 

11.00 u: Welkom door mevrouw Liesbeth Vercammen MA (uitgever)
 
11.05 u: Dr. Etienne Kuypers spreekt over zijn nieuwe boek

 
 
11.15 u: Muzikaal intermezzo
 

 
 
  
11.25 u: Prof. dr. Lennart vriens (hoogleraar Vredespedagogiek Universiteit Utrecht) spreekt over het oeuvre van de auteur en over de wijsgerige en pedagogische relevantie van het boek
 
 
 
 
 
11.45 u: Muzikaal intermezzo
 

 
 
 
 
 
11.50 u: Dhr. Wiel Botterweck (consultant onderwijs en zorg Algemene Vereniging Schoolleiders) spreekt over de relevantie van het boek met betrekking tot opvoeding en onderwijs
 
 
 
 
 




12.10 u: Muzikaal intermezzo


 
 
 
   
12.15 u: Vragen, discussie
 
 
 
 
 
12.25 u: Muzikaal intermezzo
 

 
 
 
 
12.30 u: Afronding door mevrouw Liesbeth Vercammen MA (uitgever)








12.40 u: Receptie met boekverkoop en signeersessie








 
13.15 u: Einde 

 
 


 
 
 


  •  

 

Vanzelfsprekend is het verhaal in dit boek ontstaan uit voorgaande verhalen. Het idee ontstond al vrij snel na publicatie van Verscheurd paradijs – Wijsgerige en pedagogische verkenningen over een ontwortelde cultuur (2007). De vele reacties hierop resulteerden in het voornemen een boek te schrijven over een aantal actuele thema’s die de laatmoderne pluralistische leefwereld in de greep houden. Als zodanig is dit boek een logisch vervolg op het voorgaande boek.  

 

Spontaan ontstond het idee een co-productie ervan te maken met mgr. Everard de Jong (hulpbisschop van Roermond). Het was een mooie gedachte dat het boek zou worden gezegend met het aureool van een kerkelijk hoogwaardigheidsbekleder. Uiteindelijk bleken ook priesters te worstelen met de oorspronkelijke boodschap van het christelijk geloof zoals dit door Jezus van Nazaret is beleden. Eens te meer werd daardoor de prioriteit van de alledaagsheid ten opzichte van de (godsdienstige) ideeënwereld getoond. Ondergetekende besloot daarom al snel terug te keren naar het oorspronkelijke idee en dit boek zelfstandig te schrijven.



  •   

 

"Ik ga liever dobbelen, naar de hoeren, stelen, zuipen en moorden, dan dat ik er nog aan meewerk God voor de gek te houden met datgene wat bisschop Martensen christelijke ernst noemt. Dan houd ik liever God recht in zijn gezicht voor de gek en ga op een berg staan of in het vrije veld, waar ik met Hem alleen ben om rechtuit tegen Hem te zeggen: 'Je bent een nul, God, niets anders waard dan dat men je voor de gek houdt!' Ja, liever zo dan dat ik Hem op die manier voor de gek houd dat ik plechtig-vroom doe en mijn leven louter vlijt en ijver voor het christendom zou zijn, terwijl dat in feite voortdurend 'tegelijk' met mijn tijdelijke en aardse carrière samengaat. Men moet nu niet jammeren dat mijn stappen zoveel ergernis verwekken. De ergernis is nog niet groot genoeg als men het vergelijkt met dat ergerlijke dat bisschop Mynster van de kansel af als waarheidsgetuige wordt geschetst. Nogmaals: laat de chirurg onbewogen blijven als de patiënt tijdens de operatie tekeer gaat." 

(S. Kierkegaard; Het punt van onenigheid met bisschop Martensen: dat, christelijk gezien, reeds op voorhand, de bestaande kerkelijke orde een oneerlijke zaak is, in: Het Vaderland, 29/I/1855) 

 

"Voor de christenheid draait alles om de vraag hoe goed zij de stelling kan inhameren dat men christen wordt als kind. Maar als deze elementaire leugen het wint: wel te rusten dan, christendom van het Nieuwe Testament! De waarheid is dat men als kind geen christen kan worden, evenmin dat men als kind kinderen kan verwekken. Christendom veronderstelt een maximum aan menselijkheid, aan volle wasdom. Pas dan kan men als christen breken met alles waaraan men op onmiddellijke wijze vastzit. Maar men voedt zijn kind tot christen op, zoals dat heet, d.w.z. men stopt het vol met snoepgoed dat in geen enkel opzicht iets met het christendom van het Nieuwe Testament te maken heeft, snoepgoed dat evenveel te maken heeft met de leer van kruis en lijden als verse groenten met potten inmaak. (...) En God zit voor gek in de hemel. Maar zijn eerplichtige dienaren op aarde, genieten van het leven en van deze komedie; hand in hand met de vroedvrouw helpen zij bij de voortplanting van de mensheid."

 (S. Kierkegaard; Het ogenblik 7 - Dat 'de christenheid' van geslacht op geslacht een samenleving van niet-christenen is; en de formule waaronder zich dat afspeelt, 30/VIII/1855)

 

  •   

 

De laatmoderne tijd wordt geteisterd door een ecologische crisis, een voedselcrisis, een economische crisis, een financiële crisis en een crisis rond de multiculturele samenleving. Zouden deze crises louter symptomen zijn van een fundamentelere crisis? 

Het westerse paradijs lijkt verscheurd te zijn door een mentaliteitsstoornis, die een crisis van de humaniteit is en daarmee in essentie de religieuze aard van de malaise ontvouwt. Deze diepere crisis zet de toekomst van de mens op het spel en manifesteert zich als zingevingscrisis: verheerlijking van de rationaliteit en uitdoving van de utopische verbeeldingskracht, vervlakking van waarheden, normen en waarden, uitholling van esthetische sensibiliteit, erosie van opvoeding en onderwijs, etc.

Dit boek gaat over drie grote vragen die de hedendaagse tijd in een wurggreep houden. Dient in de laatmoderne pluralistische leefwereld sprake te zijn van:

 -    een volledig geseculariseerde samenleving, of een samenleving waarin ruimte wordt gelaten voor religieuze c.q. godsdienstige elementen?
-    een autonome moraal, of een moraal die is gebaseerd op godsdienstige grondslag?
-    een volstrekt geseculariseerde vorming, of bestaat openheid voor religieuze c.q. godsdienstige aspecten binnen opvoeding en onderwijs? 

De respectieve vragen zijn geplaatst binnen drie secties: I: De laatmoderne mens, II:  Ethiek en godsdienst, III: Opvoeding en onderwijs. 

 



 

 



 Uiteindelijk is de geschetste situatie te herleiden tot de utopische vraag: moeten we op God wachten, of zelf zoeken naar existentiële perspectieven? 

 

Temidden van een stortvloed aan oppervlakkig opiniërende artikelen in dagbladen en tijdschriften, entertainende opinieprogramma’s op televisie en gezellig keuvelende politici, biedt dit boek niet alleen een scherpe diagnose van de hedendaagse cultuurcrisis, maar presenteert de auteur vanuit een humanistisch-religieus perspectief tevens therapeutische perspectieven die stof voor een hoopvolle bezinning kunnen opleveren. 

 

 Deze gesitueerde ethiek van de geseculariseerde religiositeit is in wezen een sociale ethiek van de gemoedsrust die uiteindelijk in het licht staat van een pragmatisch verantwoordelijkheidsprincipe. Het multidisciplinair concept omvat bovendien een pleidooi voor een meer naturalistische benadering in de geesteswetenschappen.

 



Motto

 “Estragon: Het heeft geen zin.

Vladimir: Dat begin ik ook te geloven. Ik heb me lang tegen deze gedachte verzet en ik zei, Vladimir, wees verstandig, je hebt nog niet alles geprobeerd. En dan begon ik de strijd opnieuw.

Estragon: Ik ben ongelukkig.

Vladimir: Nee toch. Sinds wanneer?

Estragon: Ik was het vergeten.

Vladimir: Zeg het, zelfs als het niet waar is.

Estragon: Wat moet ik zeggen?

Vladimir: Zeg: ik ben tevreden.

Estragon: Ik ben tevreden.

Vladimir: Ik ook.

Estragon: Ik ook.

Vladimir: Wij zijn tevreden.

Estragon: Wij zijn tevreden. Wat zullen we doen, nu we tevreden zijn?

Vladimir: We wachten op Godot.

Estragon: O ja.

Vladimir: Het is al nacht.

Estragon: En als we hem eens lieten doodvallen?”

(Beckett S.; Wachten op Godot, 1988 [1965], [1952], p. 9, 51, 58 en 91) 

   

  •  

 


 

 


 

 Inhoud


 
 
PROLOOG  
 
  • Dankwoord  
  • Sfeer  
  • Toenadering tot de lezer - Wetenschapstheoretische en methodologische plaatsbepaling
  • Geïmproviseerd verhaal - Een weerspiegelend levensfragment


 



ESSAYS

     Sectie I: DE LAATMODERNE MENS

  • Leven met de dood? - De existentiële identiteit in de schemering van het heden

   

     1. Ten geleide

     2. Beknopte moderne westerse ideeëngeschiedenis

     3. Diagnose van de westerse cultuurcrisis

         A. 'De man zonder eigenschappen'

         B. Contingentie

         C. Zingevingscrisis

     4. Therapeutische alternatieven voor de westerse

          cultuurcrisis

          A. De utopische verbeeldingskracht

          B. Contingentie

          C. Fenomenologie van het creatief intellect en de  

              kritische redelijkheid

      5. Een nieuw existentieel concept


    Sectie II: ETHIEK EN GODSDIENST

  • Van gemoedsrust naar verantwoordelijkheid? - Levenskunst als aanzet voor een gemeenschappelijke ethische code in een pluralistische leefwereld 

     

    1. Ten geleide

    2. Beknopte geschiedenis van het westerse geluksstreven

    3. Humanistisch-religieus perspectief

       A. Kierkegaards dialectische pedagogiek der

           existentiesferen

       B. Zinloosheid

       C. De vraag naar zin

    4. Een geseculariseerde religiositeit

        A. Het sceptische vermogen

        B. Fenomenologie van het luisterend denken en het 

            verlangen naar gemoedsrust

        C. Universaliteit, relativiteit en het 

            verantwoordelijkheidsprincipe


  • SECTIE III: OPVOEDING EN ONDERWIJS

  • Voorbij het kind? - Het vormingsidee op de helling

     1. Ten geleide

     2. De westerse cultuurcrisis en de crisis in opvoeding en

         onderwijs

     3. Het pedagogische taalspel

         A. Wijsgerige pedagogiek

         B. Nietzsches vormingsideeën

         C. Dialogische zinoriëntatie

    4. Neurowetenschappelijke relevantie

         A. Fenomenologische en naturalistische verkenning

             over de interactie tussen lichaam en geest

         B. Opvoeding, het brein en verantwoordelijk handelen

         C. Het therapeutiseringscomplex

    5. De mythe van de maakbare mens

 




EPILOOG 

  • Afscheid van de lezer  
  • Appendix (Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, 1948)
  • Bibliografie
  • Personenregister
  • Zaakregister
  • De auteur

  

  •  

 

 Uit:

Geïmproviseerd verhaal
Een weerspiegelend levensfragment

 

Ik hoor nergens bij. Ik ben een soort insider’s outsider, die lunchen met ‘belangrijke’ mensen verafschuwt en professioneel gezien nooit iets hoeft te beamen of te schrijven wat anderen verlangen. Ik spreek niet namens iets of iemand, als vrij auteur kan ik mijn autonomie bewaren en leef ik in de vrije staat dat het van geen enkel belang is wat anderen van mijn ideeën denken. Dat heeft vele voordelen: ik hoef niet te vertrekken vanuit godsdienstige perspectieven, ben niet gebonden aan politieke ideologieën, zit niet met handen en voeten vast aan strakke partijkaders en ben geen gevangene van uitgangspunten die ‘het’ instituut of 'het' forum voorschrijft. Niemand hoef ik te behagen - behalve mijn geliefden natuurlijk. Kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders, politici, universiteitsambtenaren (wetenschappers, officieel behoor ik ook tot dit gilde) en leerkrachten werken bij grote ondernemingen, zonder dat ze zich zorgen hoeven te maken over het voortbestaan van de firma waar ze hun brood verdienen. Ze teren op oude concepten, besteden nauwelijks aandacht aan enige ordening van hun gedachten en hebben dientengevolge voor elk probleem een definitieve oplossing. Deze lieden zijn derhalve volkomen vervreemd van de alledaagse realiteit.

Een oplettende lezer zal mij voor de voeten werpen dat ik ben gevormd als Rooms-Katholiek en daarom wel degelijk vanuit een specifiek perspectief vertrek. Tot hem kan ik oprecht zeggen dat ik mij niet als christen presenteer. Het kost mij namelijk veel moeite een christen te worden en ben dan ook niet van plan mij definitief als christen te vestigen. Het zou immers betekenen dat ik klaar ben met mijn leven, dat er geen streven meer nodig is om een beter mens te worden en verantwoordelijkheid voor anderen te nemen. In dit verband schrijft S. Kierkegaard (1813-55) in zijn Afsluitend onwetenschappelijk Naschrift dat “God niet existeert, maar eeuwig is." Welnu, laten we aannemen dat de mens naar Zijn evenbeeld is geschapen, zoals de gelovige stelt, dan kan ik dus nooit als christen existeren (God existeert immers niet) en rest mij daarom niets anders dan permanent te pogen een beter mens te worden - zodat ik wellicht op mijn sterfbed kan zeggen te hebben gepoogd in de geest van Jezus van Nazaret te leven  en als zodanig met terugwerkende kracht vrede kan hebben met het geleefde leven.

Het gaat ondergetekende om hartstochtelijke verwerkelijking van het aardse bestaan. Als dubbelzinnig existentialist prefereert hij de subtiele verwondering van de mysticus, tegelijkertijd omarmt hij het romantische en het tragische, de zinvolheid en de zinloosheid. Hij gaat op in de werkelijkheid, maar neemt tevens gepaste afstand ervan. Deze agnost stelt zich in dienst van het humanum, poogt hierbij onder meer het godgeloof te doorgronden en tracht als scepticus (met hedonistische en dramatische potenties) voortdurend genieten en walging, beschouwing en stilstand en rationaliteit en emotionaliteit met elkaar te verzoenen. Kortom: een persoonlijkheid die bestaat bij de gratie van een geseculariseerde religiositeit. Niet meer en niet minder.

Ik wentel mij in het ogenblik, in de ruimte van de tijd waarin zin en zinloosheid over elkaar heen buitelen. Zodoende ben ik permanent  genoodzaakt om gemoedsrust te veroveren binnen de alledaagse schemering. Eerst dan ben ik in staat van het leven te genieten en verantwoordelijkheid te nemen, te geven en te dragen. In die zin ben ik een existentiële humorist, die ondanks de overspannen hyperrealiteit van de gedachteloosheid en de op hol geslagen objectiverende rationaliteit, 'gedwongen' wordt zijn stem af en toe aan het papier toe te vertrouwen. Uiteraard zijn al mijn geschriften overbodig. Daarom moet niemand ze als autoriteit beschouwen. Wie dit doet, heeft ze niet begrepen... De ideeën die op schrift staan zijn louter bedoeld om de lezer enkele sporen te tonen die voor de auteur van belang zijn. Het zijn persoonlijke improvisaties, existentiële experimenten die een dialectische betekenis hebben: van de een naar de ander bewegen zich allerlei oriënterende variaties op het gemeenschappelijke thema van het leven. Zelf ben ik van professie niets anders dan een intellectueel die de werkelijkheid belangrijker acht dan ideeën van anderen of van mezelf. Daarom is het scheppen van iets materieels van cruciaal belang om onafhankelijk te kunnen leven en schrijven. Het levert namelijk een sterk gevoel voor de werkelijkheid op; met de handen in de aarde wroeten is noodzakelijk om met beide voeten op de grond te blijven en vervolgens met de geest diverse ideeën op papier te kunnen zetten. 

 


 

 


 Bestellen:

 

Garant-Uitgevers 

Somersstraat 13/15, 2018 Antwerpen, Tel.:03/2312900

Koninginnelaan 96, 7315 EB Apeldoorn, Tel.:055/5220625 

  •  



info@garant-uitgevers.nl